Onder deze wat cryptische titel staat een redactioneel
commentaar van Aan Dirk van de Meulen in de Leeuwarder Courant van 28 oktober. Van der Meulen
gaat in op de berichtgeving over het WHO-rapport waarin een relatie wordt
gelegd tussen het eten van (rood en bewerkt) vlees en kanker.
De brancheorganisaties reageren zoals verwacht kon worden:
‘Het valt allemaal wel mee, want de hoeveelheden die de WHO noemt worden hier
niet geconsumeerd’. Het is bijna een ‘aha-erlebnis’ wanneer je de reacties
leest en hoort op dit rapport. Immers in de tachtiger jaren toen het roken
‘onder vuur’ kwam te liggen werd er ook driftig ontkend, gerelativeerd, bestreden
en geridiculiseerd. Veelzeggend in hun onbeholpenheid zijn veel commentaren. Zoals
in een artikel in dezelfde LC op de pagina er naast. “Je moet toch ergens dood
aan gaan. Motorrijden is ook gevaarlijk, vliegen ook”!! Wegkijken dus! Het zou
ieder mens moeten aanspreken om een ziekte als kanker die zoveel pijn, verdriet
en rouw brengt zo ver mogelijk van ons weg te houden. Ook kunnen deze reacties
veroorzaakt worden door angst en/of de wetenschap dat de waarschuwing reëel is
en dat dat zou kunnen betekenen dat we onze levensstijl wel eens drastisch
zouden moeten wijzigen.
Toen ik, zo’n acht jaar geleden, besloot definitief te
stoppen met eten van vlees had ik daarbij niet in de eerste plaats mijn eigen
gezondheid op het oog. Het gruwelijke leed en onrecht dat we dieren aandoen
voor een product waar we goed zonder kunnen, maakte dat ik het punt had bereikt
waarop ik mezelf niet meer in de ogen kon kijken zonder diepe schaamte.
Schaamte voor het lijden en sterven van zestig miljard(!) landdieren en duizend
miljard(!) zeedieren per jaar, wereldwijd, voor menselijke consumptie. Hoe
lekker ik vlees ook vond en nog steeds zou vinden, ik zal het nooit meer
eten. Ik hoop dat het mijn eigen gezondheid ook ten goede zal komen. Maar dat
acht ik ondergeschikt aan het leed en onrecht dat ik mede wil bestrijden.
Van der Meulen wijst er nog op dat we de voordelen van vlees
moeten blijven benadrukken: ijzer, proteïnen en vitamines. Ach, er zijn in dit
land zevenhonderdvijftigduizend tot één miljoen vegetariërs en veganisten. Die
krijgen hun ijzer, proteïnen en vitamines moeiteloos binnen zonder dat daar
dieren het loodje voor hoeven te leggen. En ze zijn waarschijnlijk ook nog gezonder
dan veel vleeseters. Ook de relatie tussen genieten, gezondheid en kwaliteit
van leven is niet afhankelijk het stukje vlees dat velen nog zo hartstochtelijk
op ons bordje willen zien prijken.